RFID-readers vormen de kern van de scanmogelijkheden van Beam. Ze stellen je in staat om snel voorraadartikelen te identificeren en te tellen door de RFID-tags te lezen die eraan bevestigd zijn. Beam ondersteunt een reeks handheld en vaste RFID-readers van toonaangevende fabrikanten. Zie Ondersteunde modellen, Een RFID-reader instellen en Readerinstellingen configureren hieronder.
Ondersteunde modellen
Beam is compatibel met de volgende RFID-readermodellen:
| Model | Type | Antennes | Ideaal voor |
|---|---|---|---|
| Chainway C66 | Handheld | 1 | Handheld scannen, slanke vormfactor |
| Chainway C72 | Handheld | 1 | Handheld scannen, beschikbaar met of zonder geïntegreerde barcodescanner |
| Chainway C83 | Handheld | 1 | Handheld scannen, nieuwere Android-versie |
| Urovo | Handheld | 1 | Handheld mobiel scannen |
| Impinj R700 | Vast | 4 | Vast scannen, direct via netwerk of via Beam IoT Bridge |
| Brady RF22 Lite | Vast | 4 (uitbreidbaar tot 16) | Vast scannen, alleen beschikbaar in combinatie met Beam Bridge |
Een RFID-reader instellen
Om een RFID-reader te verbinden met Beam gebruik je de flow op Netwerkapparaten toevoegen (scan of voer een IP in, kies daarna RFID Reader als apparaattype). Samenvatting:
- Open Apparaatoverzicht via Instellingen en tik op +, kies daarna Apparaat.
- Je komt op Netwerkapparaten toevoegen. Start een scan of voer handmatig een IP in.
- Kies het verbindingstype (Lokaal WiFi of via Beam Bridge) en selecteer RFID Reader als apparaattype.
- Selecteer je reader uit de lijst met gevonden apparaten.
- Geef de reader een naam en wijs optioneel een icoon en kleur toe.
- Tik op Opslaan om de installatie te voltooien.
Readerinstellingen configureren
Na het toevoegen van een RFID-reader kun je de instellingen fijn afstemmen op je omgeving en workflow.
Niet elke instelling is op elke reader beschikbaar; beschikbaarheid en gedrag kunnen verschillen per handheldmodel en per vast model.
| Instelling | Van toepassing op | Opmerkingen |
|---|---|---|
| Power | Alle readers | |
| Gevoeligheid | Alle readers | |
| Bedieningsmodus | Alle handhelds; sommige vaste | Opties en gedrag verschillen per model. |
| Sessie & target | Alle readers | |
| Antenneconfiguratie | Vast met meerdere antennes | Impinj R700, Brady RF22 Lite. |
| Duplicaateliminatie | Alle readers | |
| Geluid & LED feedback | Afhankelijk van model | Handhelds en sommige vaste; check je apparaat. |
Power
Van toepassing op: Alle readers.
Regelt het zendvermogen van de reader. Hoger vermogen betekent een groter lesbereik, maar kan ook tags uit aangrenzende gebieden oppikken. Lager vermogen zorgt voor meer gerichte, nauwkeurige lezingen.
Gevoeligheid
Van toepassing op: Alle readers.
Stelt een minimum ontvangststerkte in: de reader filtert lezingen weg die onder deze waarde binnenkomen. Werkt samen met Power: power is hoe sterk de reader uitzendt; gevoeligheid is de drempel waarboven een tagrespons wordt geaccepteerd. Hogere gevoeligheid accepteert zwakkere retours (bijv. tags verder weg); lagere gevoeligheid accepteert alleen sterkere retours en vermindert lezingen uit aangrenzende gebieden.
Bedieningsmodus
Van toepassing op: Alle handhelds; sommige vaste readers. Opties en gedrag verschillen per model.
- Continu: De reader scant continu zolang deze actief is.
- Trigger: De reader scant alleen wanneer een triggerknop wordt ingedrukt.
Per apparaat: Op handhelds (Chainway, Urovo) zijn Continu en Trigger vaak beschikbaar; de exacte opties verschillen per model. Op vaste readers (bijv. Impinj R700, Brady RF22 Lite) kunnen de beschikbare modi en labels verschillen; check het configuratiescherm voor jouw apparaat.
Sessie & target
Van toepassing op: Alle readers.
Sessie en target bepalen hoe een tag reageert wanneer de reader hem leest. Ze helpen dubbeltelling te voorkomen en inventarisrondes te sturen.
Sessie (S0, S1, S2, S3): Bepaalt of de tag van status verandert na een lezing. S0 betekent dat de tag niet van status verandert; hij kan direct opnieuw gelezen worden. Dat is handig voor continue aanwezigheidsdetectie (bijv. poort of transportband). S1, S2, S3 betekenen dat de tag na een lezing naar een andere status gaat en pas na een bepaalde tijd of na een volgende lezing terugkeert. Daardoor tel je elke tag per scanronde maar één keer en verminder je dubbele lezingen. Het verschil tussen S1, S2 en S3 is de duur dat de tag de omgezette status vasthoudt: S1 kort (snel weer beschikbaar voor de volgende ronde), S2 middel, S3 lang (voor lange inventarisrondes met veel tags). Hogere sessies (S1–S3) kunnen ook helpen bij het lezen van tags die moeilijker leesbaar zijn.
Target (A of B): Elke tag heeft twee inventarisstatussen (A en B). In één scanronde (één doorlopende inventarispass) telt de reader meestal alleen tags in één status (bijv. A). Bij het lezen zet hij de tag om naar de andere status (bijv. A→B), zodat de tag niet meer in de getelde groep zit en in dezelfde scanronde niet nog eens wordt meegenomen. Target is welke van de twee statussen (A of B) wordt omgezet bij een lezing. Samen met sessie (die bepaalt hoe lang de tag de nieuwe status vasthoudt) zorgt dit ervoor dat elke tag per scanronde maar één keer wordt geteld.
Antenneconfiguratie
Van toepassing op: Vaste readers met meerdere antennes (Impinj R700, Brady RF22 Lite).
Bij readers met meerdere antennes kun je individuele antennes in- of uitschakelen en het vermogensniveau voor elke antenne onafhankelijk instellen. Dit is handig om de leeszone op specifieke gebieden te richten.
Duplicaateliminatie
Van toepassing op: Alle readers.
Regelt hoe de reader omgaat met tags die meerdere keren worden gelezen. Schakel dit in om ervoor te zorgen dat elke unieke tag slechts één keer per scansessie wordt gerapporteerd.
Geluid & LED feedback
Van toepassing op: Afhankelijk van model. Beschikbaar op alle handhelds; op vaste readers, check je apparaat.
Configureer hoorbare pieptonen en LED-indicatoren op de reader zelf om directe feedback te geven wanneer tags worden gelezen. Dit helpt operators te bevestigen dat het scannen werkt zonder naar het scherm te kijken.